Capra Dossier

Normalisering Ambtenarenrecht

Capra dossiers

Veranderingen op hoofdlijnen

De normalisering van de ambtelijke rechtspositie houdt de gemoederen in overheidsland al jaren bezig, maar wat wordt nou precies met normalisering bedoeld?
Veranderingen op hoofdlijnen

Wat verandert er door de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren?

De normalisering van de ambtelijke rechtspositie houdt de gemoederen in overheidsland al jaren bezig, maar wat wordt nou precies met normalisering bedoeld?



Met normalisering wordt het proces bedoeld waarbij de verschillen in de rechtspositie tussen het personeel in de overheidssector en de marktsector zoveel mogelijk worden opgeheven. De regels in de marktsector dienen hierbij als richtsnoer voor de regeling van de rechtspositie van het overheidspersoneel.

Wetgevingsproces normalisering

Op 3 november 2010 is het initiatiefwetsvoorstel Normalisering rechtspositie ambtenaren ingediend door de toenmalige Tweede Kamerleden Van Hijum (CDA) en Ko┼čer Kaya (D66). Het wetsvoorstel is erop gericht de Ambtenarenwet en enige andere wetten te wijzigen in verband met het in overeenstemming brengen van de rechtspositie van ambtenaren met die van werknemers met een arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht.

 Voor de indieners van het wetsvoorstel is het streven naar een gelijke rechtspositie voor alle werkenden bovenal een principiële keuze. Zij stellen dat het niet meer rechtvaardig wordt geacht dat ambtenaren en werknemers – met verwijzing naar de aard van hun werkzaamheden – verschillend worden behandeld, terwijl de aard van de arbeidsverhouding met hun werkgever – ondergeschiktheid en loonafhankelijkheid – in beide gevallen dezelfde is. 



De wetsbehandeling is inmiddels afgerond. Op 4 februari 2014 is het wetsvoorstel door de Tweede Kamer aangenomen. Vervolgens heeft op 8 november 2016 ook de Eerste Kamer met het wetsvoorstel ingestemd. 

Belangrijke veranderingen


De nieuwe wet is er hoofdzakelijk op gericht het publiekrechtelijke en eenzijdige karakter van de ambtelijke aanstelling en de eenzijdige vaststelling van arbeidsvoorwaarden te vervangen door de tweezijdige arbeidsovereenkomst, waarop in de meeste gevallen een collectieve arbeidsovereenkomst van toepassing is. Het overgrote deel van de ambtenaren zal als gevolg van de normalisering werknemer worden in de zin van Boek 7, Titel 10 van het Burgerlijk Wetboek. 



Op het moment dat de wet in werking treedt, zullen de eenzijdige aanstellingen van rechtswege worden omgezet in tweezijdige arbeidsovereenkomsten. Daarnaast komen de huidige rechtspositieregelingen te vervallen. Deze worden vervangen door cao’s. Indien er op het moment dat de wet in werking treedt nog geen cao is overeengekomen, is overgangsrecht van toepassing en zullen de bestaande rechtspositieregelingen tijdelijk blijven gelden. 



Eén van de belangrijkste veranderingen als gevolg van de omzetting is dat het burgerlijk ontslagrecht zal gaan gelden voor ambtenaren. Waar zij momenteel hun ontslag bestuursrechtelijk (middels bezwaar, beroep en hoger beroep) kunnen aanvechten, dienen zij dit in de genormaliseerde situatie civielrechtelijk te doen. 



Overigens zal de aanpassingswetgeving een omvangrijke wetgevingsoperatie opleveren, die de nodige tijd zal vergen. Vermoedelijk zal de wet dan ook niet voor 2020 in werking treden. 

Geen volledige normalisering van rechtsposities


De nieuwe wet beoogt geen volledige normalisering van de verschillende rechtsposities. Ten eerste is er geen sprake van volledige normalisering, omdat de wet niet tot doel heeft een einde te maken aan het eigen karakter van het ambtenaarschap of de benaming ‘ambtenaar’ in de ban te doen. De Ambtenarenwet wordt dan ook gehandhaafd, onder meer ten aanzien van de bepalingen die betrekking hebben op integriteit. Als gevolg van de normalisering wordt de Ambtenarenwet wel een stuk overzichtelijker dan nu het geval is.



Ten tweede wordt een deel van de ambtenaren van de normalisering uitgezonderd. In de eerste plaats betreft dit een groep benoemde ambtsdragers zoals ministers, staatssecretarissen, burgemeesters en de commissarissen van de Koning. Daarnaast worden rechterlijke ambtenaren en de leden van de Hoge Colleges van Staat uitgezonderd. Tevens wordt de eenzijdige aanstelling gehandhaafd voor politieambtenaren en bij de krijgsmacht voor zowel militaire ambtenaren als het burgerpersoneel. 



Als gevolg van de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren ontstaan verschillende categorieën werknemers bij de overheid:
  1. De ambtenaren met een arbeidsovereenkomst waarop tevens de Ambtenarenwet van toepassing is. Deze categorie is verreweg het grootst en groeit als gevolg van de normalisering. Dat komt doordat de werknemers van zelfstandige bestuursorganen en rechtspersonen die zich met overheidstaken als kerntaak bezighouden ook onder de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren vallen. Zelfs als zij nu al werkzaam zijn op basis van een arbeidsovereenkomst.
  2. De ambtenaren die worden uitgezonderd van de normalisering. Zij behouden hun publiekrechtelijke rechtspositie en rechtsbescherming.
  3. Bepaalde werknemers verlezen hun ambtenaarschap, omdat hun werkgever geen overheidswerkgever is in de zin van de nieuwe Ambtenarenwet.

Meer veranderingen

Als de ambtelijke rechtspositie wordt genormaliseerd, zullen grote veranderingen optreden. Lees meer over:  
-    De ontslagprocedure
-    Integriteit
-    Ziekte en arbeidsongeschiktheid
-    Uitkeringsrechten
Top