Per 1 januari 2009 is het decentrale overheden verboden hun personeel hypotheken of garanties daarop te verstrekken. Met ingang van genoemde datum is de Wet financiering decentrale overheden (Wet fido) gewijzigd. De wetgever wil dat decentrale overheden niet langer hypotheken verstrekken aan het eigen personeel. Op deze wijze wordt volgens de wetgever namelijk oneigenlijk gebruik gemaakt van publieke middelen, welke middelen eigenlijk bedoeld zijn om een publiek doel te dienen. Overheden lopen op deze wijze onnodige risico’s. Ook wordt dan oneigenlijk gebruik gemaakt van de positie op de kapitaalmarkt van gemeenten, provincies en andere openbare lichamen.
De verbodsbepaling heeft directe werking en geldt dus voor nieuwe hypotheken. Bestaande leningen en verstrekte garanties kunnen ongemoeid blijven. Voor zover bestuursorganen hun verordeningen nog niet hebben aangepast, geldt dat deze strijdig zijn met de wet zodat op deze verordeningen geen beroep meer gedaan kan worden. Als bestaande leningen worden aangemerkt de leningen die vóór 1 januari 2009 zijn gevestigd in een hypothecaire akte. De hypotheekakte dient met andere woorden vóór die datum bij de notaris te zijn gepasseerd. Voor reeds gedane toezeggingen zonder dat de hypotheekakte al is gepasseerd, geldt dat deze onder de verbodsbepaling vallen. Dergelijke toezeggingen kunnen niet meer nagekomen worden, ook al zijn deze in een besluit vervat.
Andere leningen vallen overigens niet onder de verbodsbepaling. Leningen in het kader van een PC privé project of een fietsplan of andere fiscaal gefaciliteerde verstrekkingen mogen ook na 1 januari 2009 verstrekt worden aan het personeel van decentrale overheden.