Wekelijks worden op www.rechtspraak.nl uitspraken gepubliceerd. Onlangs verscheen op die manier in een paar dagen tijd een drietal uitspraken, waarin de situatie aan de orde was dat de ambtenaar meende dat hij wegens ziekte zijn werk niet kon uitvoeren, terwijl de bedrijfsarts daar anders over dacht. Dat leidde in alle drie de gevallen tot de disciplinaire maatregel van strafontslag. De uitspraken zijn nuttig om dat ze inzicht geven in de overwegingen van de Centrale Raad van Beroep (CRvB) in dit soort gevallen en tevens een soort draaiboek opleveren voor de situatie dat een ambtenaar 'werk weigert' omdat hij vindt dat hij ziek is, terwijl zijn werkgever daar anders over denkt.
In de uitspraak van de CRvB van 5 mei 2003 (LJN BJ3335) was de situatie aan de orde dat een ambtenaar zich ziek meldde, maar op enig moment weer volledig arbeidsgeschikt werd verklaard. De werkgever probeerde vervolgens de ambtenaar te re-integreren, hetgeen niet lukte. Steeds weer werd de ambtenaar volledig arbeidsgeschikt verklaard en uiteindelijk gaf de werkgever de ambtenaar expliciet de opdracht om het werk te hervatten - onder de dreiging met maatregelen indien hij aan de opdracht geen gehoor zou geven. De ambtenaar verscheen niet op zijn werk, waarna de werkgever de bezoldiging inhield en tegelijkertijd een nieuwe opdracht tot werkhervatting gaf, wederom onder dreiging van maatregelen indien de ambtenaar weigerachtig zou blijven. De ambtenaar reageerde met de mededeling dat hij ziek was. Vervolgens is hij niet komen werken.
De werkgever heeft hierop gereageerd door de ambtenaar nog eens bij de bedrijfsarts langs te sturen die hem voor de zoveelste keer arbeidsgeschikt achtte. De ambtenaar heeft toen bedenkingen geuit die - na toetsing door een deskundigencommissie - werden verworpen.
Daarna riep de werkgever de ambtenaar weer op om zijn werk te hervatten waarbij werd meegedeeld dat niet-hervatten als werkweigering zou worden aangemerkt. De ambtenaar hervatte ondanks alles niet, waarna aan de ambtenaar ontslag werd verleend wegens herhaalde werkweigering.
De rechtbank verwierp het beroep van de ambtenaar tegen dit ontslag en de CRvB liet deze uitspraak in stand. De CRvB overwoog daarbij dat hij reeds vaker had geoordeeld dat een eigenmachtig niet voldoen aan opdrachten tot werkhervatting, na arbeidsgeschiktverklaring, moet worden aangemerkt als (ernstig) plichtsverzuim. De CRvB legde hierbij uit wat onder "eigenmachtig" verstaan dient te worden, en wel het op subjectieve gronden, zonder dat daarvoor steun wordt gevonden in objectieve medische bevindingen, door een ambtenaar volharden bij het door hem ingenomen negatieve standpunt terzake van hervatting van het werk.
Met andere woorden: een ambtenaar kan zichzelf niet arbeidsongeschikt wegens ziekte verklaren en niet voor zijn werk komen opdraven. De ongeschiktheid moet objectief medisch vastgesteld zijn. De ambtenaar in deze kwestie was er niet in geslaagd om aannemelijk te maken dat er sprake was van ziekte. Hierbij is van belang dat in wet- en regelgeving doorgaans procedurevoorschriften zijn opgenomen die de ambtenaar in staat stellen het oordeel van de bedrijfsarts onafhankelijk te laten toetsen. De belangrijkste voorziening is wat dat betreft het deskundigenoordeel van het UWV.
In de uitspraak van de voorzieningenrechter van de CRvB van 2 juni 2009 (LJN BJ3250) was er ook sprake van een situatie waarbij de ambtenaar opdrachten tot werkhervatting naast zich neerlegde, hetgeen erop uitdraaide dat de ambtenaar strafontslag kreeg.
In de kwestie die in deze uitspraak speelde, leidde een ruzie tussen de ambtenaar en zijn leidinggevende tot een ziekmelding (een vaak voorkomende situatie). Vervolgens weigerde hij meerdere malen en voor langere duur zijn werkzaamheden te hervatten. De ambtenaar maakte daarbij gebruik van de mogelijkheid om het UWV te laten toetsen of hij al dan niet terecht thuis zat. De uitkomst was echter dat het UWV hem geschikt achtte, waarna de werkgever de betaling van de bezoldiging van de ambtenaar staakte en, nadat deze maatregel kennelijk geen indruk maakte op de ambtenaar, snel daarna overging tot de maatregel van strafontslag.
De rechtbank oordeelde in eerste aanleg dat er geen sprake was van herhaald en doorgaand gedrag, dat de straf niet evenredig was omdat er sprake was van miscommunicatie en dat de werkgever ten onrechte niet was ingegaan op herhaalde verzoeken van de ambtenaar om te bemiddelen.
In zijn uitspraak (met een voorlopig karakter) stelde de voorzieningenrechter zich aanmerkelijk kritischer op ten opzichte van de werkweigering. De voorzieningenrechter overwoog: " Volgens vaste rechtspraak van de Raad geldt de weigering van een ambtenaar zijn werk te verrichten, als ernstig plichtsverzuim. Dat is zeker zo wanneer de ambtenaar zoals hier het geval is, in die weigering volhardt nadat hem meerdere keren uitdrukkelijk opdracht is gegeven zijn werk te hervatten, nadat een door hem gedaan beroep op de ziekte geen stand bleek te houden, nadat de maatregel was getroffen voor het niet meer betalen van de bezoldiging en nadat hij uitdrukkelijk was gewezen op de consequenties van het niet voldoen aan de opdrachten".
De ambtenaar stelde dat hij op psychische gronden niet in staat was zijn werkzaamheden te hervatten, maar had dat op geen enkele wijze aannemelijk gemakt. De werkgever had het geen gevolg geven aan de opdrachten tot werkhervatting dan ook terecht aangemerkt als toerekenbare ernstig plichtsverzuim.
Op basis van deze twee uitspraken (en vele andere uitspraken die hier niet behandeld zijn) kan een soort draaiboek opgesteld worden. Zorg voor een duidelijk advies van de bedrijfsarts. Luidt dat advies dat ambtenaar arbeidsgeschikt is, roep de ambtenaar dan op voor het werk. Verschijnt hij niet, en levert hij geen tegenbewijs, wijs hem dan op de consequenties die dat kan hebben, te beginnen met het niet meer betalen van de bezoldiging en uiteindelijk wellicht de maatregel van strafontslag. Zorg hierbij uiteraard dat alles goed schriftelijk is gedocumenteerd.
Op deze manier gaat werkgever zorgvuldig om met de belangen van de werknemer, die immers gewaarschuwd wordt en zo op zijn schreden kan terugkeren. Op deze wijze ontstaat, als alle inspanningen niet lukken, een goed gedocumenteerd dossier.
Overigens doet zich ook wel de situatie voor dat van de zijde van de bedrijfsarts helemaal niet zo duidelijk aangegeven wordt of een ambtenaar ziek is, of niet. Doet zich die situatie voor, dan kan ook de werkgever een deskundigenoordeel vragen bij het UWV. Dat kan enorm bijdragen aan de wederzijdse duidelijkheid, en als er inderdaad sprake is van ongeschiktheid wegens ziekte biedt het deskundigenoordeel (mede) een basis om te werken aan re-integratie bij ziekte.
De laatste uitspraak is die van 1 augustus 2002 (LJN BJ3195). In deze uitspraak van de CRvB gaf de ambtenaar ook geen gevolg aan de uitdrukkelijk opdracht werk te hervatten na hersteldverklaring. De ambtenaar maakte ook geen gebruik van de mogelijkheid bedenkingen te uiten tegen het oordeel van de bedrijfsarts. Van de zijde van de werkgever werd het nodige in gang gezet om met de ambtenaar in gesprek te gaan. De weinig succesvol gebleken tactiek van deze ambtenaar was daarbij om nagenoeg alles wat volgens diverse functionarissen met hem besproken dan wel afgesproken was, te ontkennen. De persoon in kwestie werd in een betrekkelijk 'compacte' procedure ook bedreigd met ernstige rechtspositionele gevolgen, en toen hij vervolgens toch niet kwam werken kon de werkgever reageren met de maatregel van ontslag.
Zoals u hebt kunnen lezen is een aantal van de uitspraken waarnaar verwezen wordt alweer wat ouder. Het lijkt erop, dat bij tijd en wijle door de beheerders van www.rechtspraak.nl een inhaalslag wordt gemaakt, waardoor wat oudere uitspraken ineens op het internet terechtkomen. Dat valt natuurlijk toe te juichen, en het aardige is dat hierdoor soms uitspraken uit verschillende jaren over hetzelfde onderwerp ineens verschijnen, waardoor goed naar voren komt waar de CRvB naar kijkt als een besluit aan hem ter toetsing wordt voorgelegd.