"Oplossingen zijn op maat gesneden want geen kwestie is hetzelfde".

Amke de Visser
 
 
Eigenrisicodrager voor de WGA
Geplaatst op: 28-03-2009 | Door: Martijn Steuten

Regelmatig wordt aan Capra advies gevraagd over trajecten waarbij er sprake is van langdurige ongeschiktheid voor de functie wegens ziekte. Bijvoorbeeld wordt ons gevraagd of, na de wachttijd van 24 maanden (of 36 maanden bij ,meer dan 65% arbeidsgeschiktheid), overgegaan kan worden ontslag. Als dan alle belangrijke vragen nagegaan worden, blijkt er nog wel eens onduidelijkheid te bestaan of de werkgever eigenrisicodrager is voor de WIA, of beter gezegd de WGA-uitkering. Dat is de uitkering die toegekend kan worden aan de medewerker die minder dan 65% arbeidsgeschikt is. De vraag of een overheidswerkgever eigenrisicodrager is, is belangrijk voor het inzicht in het financiële plaatje. Daarom een kort overzicht over hoe het nu zit met dat eigenrisicodragerschap.

Op grond van artikel 1 van de WIA is eigenrisicodrager de werkgever aan wie op grond van artikel 40, aanhef en eerste lid, onderdeel b, van de Wet financiering sociale verzekeringen(Wfsv) toestemming is verleend om zelf het risico te dragen van betaling van het daarvoor in aanmerking komende deel van de WGA-uitkering.

De belangrijkste inhoudelijke bepalingen in de WIA met betrekking tot het eigenrisicodragerschap staan in hoofdstuk 9 van deze wet. Daarop wordt hier niet verder ingegaan. Van belang is wel dat het eigenrisicodragerschap in de tijd 'beperkt' is tot een periode van maximaal 10 jaar. Dit is geregeld in de Regeling vaststelling periode eigen risico dragen WGA-uitkeringen (Staatscourant 2006,161). Met het eigenrisicodragen kan dus een groot financieel belang gemoeid zijn (waartegenover wel de premiebesparing staat).

Een werkgever en dus ook een overheidsorgaan kan niet zomaar beslissen om eigenrisicodrager te worden. De toestemming op grond van artikel 40 Wfsv wordt verleend door de inspecteur op aanvraag, en wel bij voor bezwaar vatbare beschikking. De burgerrechtelijke werkgever dient bij de aanvraag een schriftelijke garantie te overleggen van een kredietinstelling of een verzekeraar voor de verplichtingen die voortvloeien uit het zelf dragen van het risico (artikel 40 lid 2). Voor de overheidswerkgever geldt deze verplichting niet (artikel 40 lid 3).

Uit de definitie uit de WIA blijkt al dat eigenrisicodragerschap alleen mogelijk is voor de WGA-uitkering, en dus niet voor de IVA-uitkering (de uitkering die bij  duurzame arbeidsongeschiktheid van 80-100% wordt toegekend).

Eigenrisicodragerschap voor de WGA-uitkering brengt met zich dat de werkgever geen gedifferentieerde premie hoeft te betalen. In artikel 46a Wfsv staat:

"De eigenrisicodrager met betrekking tot de WGA uitkering, bedoeld in artikel 40, eerste lid, onderdeel b, is over het loon van de tot hem in dienstbetrekking staande werknemers degedifferentieerde premie, bedoeld in artikel 38, en over de door hem te betalen WGA uitkeringen de premie ten behoeve van de Werkhervattingskas, bedoeld in artikel 38a, nietverschuldigd."

De eigenrisicodrager is wel de basispremie op grond van artikel 36 Wet financiering sociale verzekeringen verschuldigd. Dit artikel luidt:

"Bij ministeriële regeling wordt voor de berekening van de basispremie een voor alle takken van bedrijf en beroep gelijk percentage vastgesteld."

Indien er twijfel bestaat of een overheidswerkgever eigenrisicodrager is voor de WGA-uitkering, biedt het antwoord op de vraag of de gedifferentieerde premie al dan niet wordt afgedragen snel eerste duidelijkheid. Een op aanvraag afgegeven besluit van de inspecteur maakt natuurlijk nog meer duidelijk.

Overigens biedt de Wfsv de mogelijkheid aan werkgevers om de kosten van de gedifferentieerde premies voor maximaal de helft te verhalen op de werknemer, zie artikel 20 Wfsv. De eigenrisicodrager heeft die mogelijkheid (onder voorwaarden) ook als het gaat om de kosten van het eigenrisicodragerschap. Dit staat in artikel 41 van de Wfsv.

Voor wat betreft de sector gemeenten heeft de VNG in het verleden de keuze om al dan niet eigenrisicodrager te worden voor de WGA expliciet aan de leden zelf overgelaten. Weliswaar heeft in het verleden de VNG herhaaldelijk aandacht besteed aan het fenomeen, maar als het ging om advisering met betrekking tot de door de gemeenten te maken keuze, volstond de VNG met de opmerking dat iedere gemeente voor zichzelf de afweging moest maken of eigenrisicodragerschap voor de WGA gunstig is. Voor verdere hulp werd verwezen naar o.a. het UWV, en dan in het bijzonder naar de "WIA Eigenrisicodragerwijzer" die op de site van deze instantie te vinden is onder deze link.

 
 
 
 
 
 
 
 
16-05-2012 | Capra op twitter
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
08-09-2011 | Mediation
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
03-03-2011 | Dat is beloofd!
 
 
 
02-03-2011 | Verboden
 
 
 
 
 
 
 
30-11-2010 | CAO Ambulancezorg
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
27-12-2009 | Appels
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
28-04-2009 | Preventie werkt!
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
15-02-2009 | TAR bestaat 25 jaar
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Follow us
Opleidingsinstituut van
Erkende opleidingsinstelling advocatuur
 
Zoeken
 
Twitter
Publicatie
Ter bevordering van het enthousiasme en de belangstelling voor het ambtenarenrecht, arbeidsrecht en algemeen bestuursrecht heeft het bureau Capra Advocaten ter gelegenheid van het afscheid van haar voormalige partner mr. J.M.M.B. Maes een stichting in het leven geroepen, genaamd Stichting Jo Maes/Capra Prijs.
di 24 mrt 2009 - Het reglement van de Stichting Jo Maes/Capra prijs
 
Publicatie
Per 1 januari 2009 voert het UWV de regelingen Invaliditeitspensioen (IP) en Herplaatsingstoelage (HPT) voor de sector Overheid en Onderwijs niet langer uit. De uitvoering van deze regelingen is met ingang van genoemde datum overgedragen aan het ABP.
di 27 jan 2009 - UWV stopt uitvoering bovenwettelijke regelingen IP en HPT
 
Publicatie
Als een ambtenaar wordt aangesteld, wordt vaak gekozen voor de figuur van de tijdelijke aanstelling bij wijze van proef. De naam van een dergelijke aanstelling maakt al duidelijk dat het dan de bedoeling is om te beoordelen of de ambtenaar voldoet aan de eisen voor de functie waarvoor hij is aangesteld. Slaagt de proef, dan zal doorgaans een aanstelling in vaste dienst volgen. Dit wordt vaak ook zo in de aanstellingsbrief verwoord, bijvoorbeeld door een zinsnede als "Indien aan het einde van de proefperiode blijkt dat u aan de gestelde functie-eisen voldoet, zal uw aanstelling omgezet worden in een vaste aanstelling".
21 jun 2009 - Ontslagbescherming tijdelijke aanstelling